Wanneer mensen huwelijkse voorwaarden overeenkomen, doen zij dit meestal om twee redenen. Ten eerste omdat ze willen voorkomen dat bij een echtscheiding het bij aanvang ingebrachte vermogen verdeeld moet worden met de toekomstige ex-partner. Ten tweede omdat ze de wens hebben om een onderneming op te starten en hun privévermogen veilig willen stellen. Vaak denkt men dat hiermee de kous af is en dat men zonder risico’s in het huwelijksbootje kan stappen.

Helaas is dit niet altijd het geval.

Wanneer je bijvoorbeeld denkt dat je huis, door het op naam van je partner te zetten, is veiliggesteld tegen aanspraken van de curator bij een faillissement van jouw onderneming, moet ik je helaas uit de droom helpen. Uit de wet volgt dat de woning in de boedel van de gefailleerde echtgenoot valt, ook al is deze op basis van huwelijkse voorwaarden getrouwd en staat de woning op naam van de andere echtgenoot. De niet gefailleerde echtgenoot kan hier alleen onder uitkomen wanneer hij of zij kan bewijzen dat de woning voor meer dan de helft met zijn of haar privémiddelen is verkregen. Is de woning gefinancierd met een hypotheek, dan moet aangetoond worden dat de aflossingen voor meer dan de helft zijn voldaan met privémiddelen.

Ook moet je uitkijken met een verrekenbeding in je huwelijkse voorwaarden. Wanneer er niet verrekend is, wordt er bij een echtscheiding namelijk van uitgegaan dat het aanwezige vermogen is opgebouwd uit hetgeen verrekend had moeten worden. Tenzij je de herkomst kan bewijzen, wordt het aanwezige vermogen dan tussen jou en je ex in twee gelijke delen verdeeld.

Dus, let op bij huwelijkse voorwaarden!

 

Huib den Hollander, advocaat